Toolkaart, wat er gecontroleerd is
EnergiePortaal
Per bedrag ziet u wanneer het voor het laatst is gecontroleerd en wanneer de volgende controle is.
Naar de toolPeil is ons register van de officiële bedragen, tarieven en grenzen. Elk bedrag wordt bij de officiële bron opgezocht en door een tweede, onafhankelijke controle bevestigd voordat het hier staat. Zo werken wij
Deze kaart hoort bij de stand van Peil van 26 oktober 2026.
De bedragen
Elk bedrag hebben wij naast de officiële bron gelegd. Klik op de bron om die zelf te lezen.
Toon de overige 9 bedragen
Schattingen in deze tool
Voor deze bedragen bestaat geen officieel tarief. De tool rekent met een schatting en toont die apart, dus niet als gecontroleerd bedrag.
schatting Graaddagen en referentietemperatuur per klimaatzone (Degrés-jours et température de référence par zone)
Middellandse Zee 1.400, Zuid-West 1.900, Parijs 2.200, Centraal 2.500, Oost 2.800, Bergen 3.400 graaddagen (basis 18 graden); ter vergelijking de DPE-methode: 1.645 (H3) tot 2.524 (H1a) graaddagen bij 19 graden onder 400 m
Schatting per klimaatzone, geen officiële tabel: officiële graaddagen bestaan per weerstation en de DPE-methode kent acht eigen zones. Wij vergelijken de waarden met die van de DPE-methode; ze liggen in dezelfde orde van grootte.
Herziening: 15 apr 2027
schatting Energie-inhoud hout per stère (Contenu énergétique du bois par stère)
circa 1.800 kWh per stère droog hardhout (bandbreedte 1.400 tot 2.000 kWh, naar houtsoort en vochtgehalte)
Schatting: er bestaat geen wettelijke energie-inhoud per stère, en de stère is sinds 2026 geen wettelijke verkoopeenheid meer. Droog hardhout levert ongeveer 1.700 tot 2.000 kWh per stère, zachter of vochtiger hout minder.
Herziening: 15 apr 2027
schatting Omrekenfactoren naar kWh per eenheid (Facteurs de conversion en kWh)
stookolie 9,912 kWh PCI per liter; pellets 4,6 kWh PCI per kg; propaan 12,78 kWh PCI (13,8 kWh PCS) per kg; aardgas PCS = 1,11 x PCI; hout circa 1.800 kWh per stère (raming); petroleum circa 10 kWh per liter (raming)
Omrekeningen van liter, kilo of stère naar kWh. Voor stookolie, pellets en propaan per kilo gebruiken wij de omrekening van de officiële energiestatistiek; voor hout per stère, propaan per liter en petroleum bestaat geen officiële waarde en gaat het om een schatting.
Herziening: 15 apr 2027
schatting Brandhoutprijs (Prix du bois de chauffage)
circa 0,047 euro per kWh PCI (46,6 euro per MWh), geleverde blokken, raming voor oktober 2025 tot en met september 2026
Schatting: er bestaat nog geen meting van de brandhoutprijs over 2026. Wij nemen de ADEME-prijs van 2025 en passen die aan met de officiële prijsindex voor vaste brandstoffen (plus 2,15 procent).
Herziening: 30 jun 2027
schatting Lampolieprijs (pétrole lampant) (Prix du combustible pour poêle à pétrole)
circa 2,25 euro per liter TTC (bandbreedte 1,75 tot 2,75 euro per liter, bussen van 20 liter in bouwmarkten, september en oktober 2026)
Schatting op basis van winkelprijzen: voor brandstof voor petroleumkachels bestaat geen officiële prijsreeks. Een gewone bus van 20 liter kost ongeveer 35 tot 55 euro.
Herziening: 31 okt 2026
schatting PV-opbrengst per klimaatzone (Productible photovoltaïque par zone)
Middellandse Zee circa 1.630, Zuid-West 1.280, Parijs 1.150, Centraal 1.200, Oost 1.140, Bergen (Jura) 1.170 kWh per kWp per jaar (PVGIS, optimale stand)
Schatting per klimaatzone, berekend met PVGIS van de Europese Commissie voor één plaats per zone. De werkelijke opbrengst hangt af van plaats, dakhelling, oriëntatie en schaduw.
Herziening: 15 apr 2027
schatting Verouderingsdrempel voor de energieprijzen (Seuil d'obsolescence des prix)
120 dagen
Een eigen keuze, geen wettelijke grens: een prijs die meer dan vier maanden oud is, telt als verouderd. Dat past bij de officiële prijsreeksen, die maandelijks of per kwartaal verschijnen.
schatting Besparing per graad lagere binnentemperatuur (Économie par degré de moins)
circa 7 procent minder verwarmingsenergie per graad lagere binnentemperatuur
Vuistregel, geen vaste waarde: één graad lager scheelt ongeveer 7 procent verwarmingsenergie. Het werkelijke effect hangt af van het klimaat en van de woning.
Herziening: 15 apr 2027
Hoe de tool rekent
Warmteverliescoëfficiënt van de woning
nog in controle
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
De warmteverliescoëfficiënt H in watt per graad is de som van het transmissieverlies (per bouwdeel oppervlak maal U-waarde: muren, dak, vloer, ramen) en het ventilatieverlies (0,34 Wh per m3 per graad maal het verwarmde volume maal de luchtwisseling per uur). Bij balansventilatie met warmteterugwinning telt alleen het deel van het ventilatieverlies dat niet wordt teruggewonnen. De officiële DPE-methode gebruikt dezelfde opbouw en dezelfde factor 0,34, maar telt daarnaast koudebruggen mee en vermenigvuldigt bouwdelen die aan een onverwarmde ruimte grenzen met een reductiefactor b.
Natuurkundige benadering van het warmteverlies, geen wettelijke rekenregel. Wij hebben de opbouw en de factor 0,34 vergeleken met de officiële DPE-methode, die daarnaast koudebruggen en onverwarmde ruimten meetelt. Lees de officiële bron
Gebruikt:U-waarden per isolatieniveau
Méthode 3CL-DPE 2021 (annexe 1 van de arrêté du 31 mars 2021 relatif aux méthodes et procédures applicables au DPE), par. 3 (GV = DPmur + DPplancher_bas + DPplancher_haut + DPmenuiserie + PT + DR, met DP = b x S x U) en par. 4 (DR met factor 0,34); arrêté du 11 juin 2026 (NOR VLOL2607636A) art. 3: DRvent = 0,34 x Qvent vanaf 01-01-2027
Grondslag voor stap 2, stap 8 en stap 14.
Jaarlijkse warmtevraag voor verwarming (kostenmodel)
nog in controle
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
De warmtevraag in kWh per jaar is de warmteverliescoëfficiënt H maal het aantal graaddagen van de klimaatzone maal 24 uur, gedeeld door 1.000. De graaddagen worden omgerekend naar de gekozen binnentemperatuur en, voor de afwezige dagen, naar de afwezigheidstemperatuur. De wettelijke DPE-methode rekent per maand met degrés-heures bij 19 graden voor acht klimaatzones en trekt de interne en zonnewinsten af; voor een kostenraming bestaat geen wettelijke rekenwijze.
Eigen rekenmodel, geen wettelijke rekenregel: graaddagen van de klimaatzone, aangepast aan uw temperatuur en aanwezigheid. Wij hebben het vergeleken met de officiële DPE-methode, die ook de warmte van bewoners en zon aftrekt. Lees de officiële bron
Ter vergelijking: méthode 3CL-DPE 2021, par. 1 (conventies), par. 2 (BVj = GV x (1 - Fj)), par. 6 (apports gratuits) en par. 18.2 (DH19 per zone)
Grondslag voor stap 3.
Energieverbruik van hoofd- en bijverwarming
nog in controle
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
Het energieverbruik voor verwarming is de warmtevraag gedeeld door het rendement van het toestel: bij een warmtepomp de seizoensprestatiefactor (SCOP), bij een ketel of kachel het rendement. Neemt een bijverwarming een deel van de warmtevraag over, dan wordt dat deel met het rendement van de bijverwarming gedeeld en de rest met dat van de hoofdverwarming. In de DPE-methode zijn rendementen op onderste verbrandingswaarde (PCI) uitgedrukt; gas wordt in Frankrijk op bovenste verbrandingswaarde (PCS) gefactureerd, een factor 1,11 hoger.
Eigen rekenmodel, geen wettelijke rekenregel: warmtevraag gedeeld door het rendement van uw toestel. Wij hebben de omrekening tussen PCI en PCS vergeleken met de officiële DPE-methode. Lees de officiële bron
Ter vergelijking: méthode 3CL-DPE 2021, par. 9 (consommation de chauffage in kWh PCI) en par. 13.2.1.4 (coëfficiënt kPCS/PCI: gaz naturel 1,11, GPL 1,09, fioul 1,07, bois 1,08)
Grondslag voor stap 13.
Energie voor warm tapwater (kostenmodel)
nog in controle
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
De warmte voor warm tapwater is het aantal personen maal het aantal douches per persoon per dag maal de liters per douche maal 365 dagen maal het temperatuurverschil van 28 graden (van 12 naar 40 graden) maal 4,186 kJ per kg per graad, gedeeld door 3.600 voor kWh. Het energieverbruik is die warmte gedeeld door het rendement of de SCOP van de boiler; een zonneboiler kost in dit model geen energie. De DPE-methode rekent conventioneel met 56 liter per adulte équivalent naar oppervlakte en niet met het werkelijke gebruik.
Eigen rekenmodel, geen wettelijke rekenregel: warm water uit aantal personen, douches en liters. Wij hebben de natuurkundige constanten vergeleken met die van de officiële DPE-methode. Lees de officiële bron
Gebruikt:Conventioneel warmwaterverbruik in de DPE
Ter vergelijking: méthode 3CL-DPE 2021, par. 11.1 (Becsj = 1,163 x Nadeq x 56 x (40 - Tefsj) x njj)
Grondslag voor stap 13.
Stroomverbruik van huishoudelijke apparaten
nog in controle
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
Het stroomverbruik van apparaten is de som van de jaarverbruiken van de aangevinkte apparaten. Apparaten waarvan het gebruik met het huishouden meegroeit, worden vermenigvuldigd met het aantal personen gedeeld door twee (minimaal 0,5, maximaal 3); de koelkast niet. De som wordt vermenigvuldigd met het aandeel van het jaar dat de woning bewoond is. De standaardverbruiken zijn ADEME-gemiddelden.
Eigen rekenmodel, geen wettelijke rekenregel: ADEME-gemiddelden per apparaat, aangepast aan het aantal personen en de bewoonde dagen. Lees de officiële bron
Standaardverbruiken uit p.fr.energie.apparaatverbruik_per_jaar (ADEME); vermenigvuldiger en bewoningsaandeel zijn keuzes van het rekenmodel
Grondslag voor stap 13.
Stroomverbruik van een elektrische auto
nog in controle
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
Het jaarverbruik van een elektrische auto is het aantal kilometers per week maal 52 maal het verbruik per 100 kilometer gedeeld door 100, vermeerderd met het laadverlies in procenten.
Eenvoudige omrekening, geen wettelijke rekenregel: kilometers maal verbruik plus laadverlies.
Grondslag voor stap 13.
Energie voor zwembadpomp en -verwarming
nog in controle
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
Het zwembad kost stroom voor de pomp (vermogen maal uren per dag maal seizoensdagen) en, bij verwarming, warmte: volume in m3 maal het verschil tussen gewenste watertemperatuur en de gemiddelde temperatuur van de zone maal 1,16 kWh per m3 per graad per dag, gehalveerd bij een afdekking, maal de seizoensdagen, gedeeld door het rendement of de SCOP.
Vuistregel, geen wettelijke rekenregel. De werkelijke energie voor een zwembad hangt sterk af van wind, zon en afdekking.
Grondslag voor stap 13.
Stroomverbruik voor koeling (airco)
nog in controle
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
De koelvraag is 0,6 maal de warmteverliescoëfficiënt H maal de koelgraaddagen van de zone (naar rato van de aanwezige zomerdagen) maal 24 uur, gedeeld door 1.000; het stroomverbruik is die koelvraag gedeeld door de SEER van de airco.
Vuistregel, geen wettelijke rekenregel: koelgraaddagen maal het warmteverlies van de woning, gedeeld door het rendement van de airco.
Grondslag voor stap 13.
Zonnestroom: opbrengst, eigen verbruik en overschot
nog in controle
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
De jaaropbrengst van zonnepanelen is het piekvermogen in kWp maal de opbrengst per kWp van de klimaatzone. Het eigen verbruik is het opgegeven percentage van de opbrengst, maar nooit meer dan het eigen stroomverbruik; de rest gaat naar het net. De stroom van het net is het bruto stroomverbruik min het eigen verbruik.
Eigen rekenmodel, geen wettelijke rekenregel. De opbrengst per zone is vergeleken met PVGIS van de Europese Commissie. Lees de officiële bron
PVGIS 5.3 (JRC), zie p.fr.energie.pv_opbrengst_per_klimaatzone
Grondslag voor stap 10 en stap 13.
Vergoeding voor teruggeleverde zonnestroom (verkoop van het overschot)
gecontroleerd
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
Wie zonnestroom in verkoop van het overschot (vente avec injection du surplus) onder de arrêté S21 levert, krijgt voor elke teruggeleverde kWh het tarief TPa. Sinds de arrêté du 1er juin 2026 (in werking op 5 juni 2026, de dag na publicatie) is dat 1,1 cent per kWh exclusief btw, met 2 procent indexatie per jaar op de verjaardag van de prise d'effet van het contract. Teruglevering boven 1.600 uur maal het geïnstalleerde vermogen per contractjaar krijgt geen tarief. Installaties tot en met 9 kWc komen alleen in deze vorm in aanmerking. Een bestaand contract houdt het tarief dat in dat contract staat.
Gebruikt:Terugleververgoeding zonnestroom, verkoop van het overschot (S21)
Arrêté du 1er juin 2026 modifiant l'arrêté du 6 octobre 2021 (S21), NOR ECOR2609281A, JO n° 129 van 04-06-2026: tarief TPa 1,1 c euro per kWh HT, indexatie 2 procent per jaar, plafond 1.600 uur maal vermogen, art. 1 (tot en met 9 kWc alleen vente avec injection du surplus); art. 8 nieuw (TPa en indexatie), art. 9 nieuw (plafond 1.600 uur); de arrêté bevat geen eigen bepaling over de inwerkingtreding, dus geldt de dag na publicatie (art. 1 Code civil); gelezen in het DILA JORF-dagbestand JORF_20260604-002901 (bouwer en keurder)
Stroomprijs volgens het gereguleerde tarief (TRVE Bleu, optie Base)
gecontroleerd
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle 15 apr 2027
Voor elektriciteit geldt het gereguleerde tarief Bleu (tarif réglementé de vente, TRVE), optie Base: een vaste jaarprijs per aansluitvermogen plus een prijs per kWh. Sinds 1 augustus 2026 is de kWh-prijs inclusief belastingen 0,2001 euro bij 3 en 6 kVA en 0,1985 euro bij 9 tot 15 kVA; het abonnement kost 145,76 euro (3 kVA) of 190,81 euro (6 kVA) per jaar inclusief belastingen. De tarieven worden in de regel op 1 februari en 1 augustus aangepast.
Gebruikt:Elektriciteitsprijs, tarief réglementé (TRVE)
CRE open data, Option_Base.csv (opgehaald 26-10-2026): regels 01/08/2026 zonder einddatum, P_SOUSCRITE 3 en 6: PART_FIXE_TTC 145,76 en 190,81, PART_VARIABLE_TTC 0,2001; 9 tot 15 kVA 0,1985
Waarschuwing bij verouderde energieprijzen
nog in controle
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
Een standaardprijs geldt als verouderd wanneer het einde van de periode waarop hij betrekking heeft meer dan 120 dagen voor de rekendatum ligt. Een gereguleerd tarief zonder einddatum (TRVE) veroudert niet zolang het geldt. Officiële prijsreeksen verschijnen maandelijks (CRE, DGEC, SDES), per kwartaal (SDES pellets) of halfjaarlijks (TRVE).
Eigen controle, geen wettelijke regel: een prijs ouder dan vier maanden telt als verouderd. Wij hebben nagegaan dat dit past bij hoe vaak de officiële prijzen verschijnen.
Jaarlijkse energiekosten
nog in controle
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
De jaarkosten zijn per energiedrager het verbruik in kWh maal de prijs per kWh. De prijs per kWh is de prijs per eenheid (liter, kilo, stère) gedeeld door de energie-inhoud van die eenheid. Voor elektriciteit telt het netto verbruik na eigen zonnestroom, verminderd met de terugleververgoeding. Vaste abonnementen voor elektriciteit en gas zijn niet inbegrepen. Gas wordt per kWh PCS gefactureerd; een verbruik op PCI-basis moet daarvoor met 1,11 worden vermenigvuldigd.
Eigen rekenmodel, geen wettelijke rekenregel: verbruik maal prijs per energiedrager. De prijzen komen uit officiële prijsreeksen en zijn in Peil gecontroleerd; abonnementen zitten er niet in. Lees de officiële bron
Gebruikt:Elektriciteitsprijs, tarief réglementé (TRVE)Gasprijs, prix repère van de CRE (variabel deel, verwarmingsprofiel)Stookolieprijs (fioul)PelletprijsPropaanprijs
Prijzen en omrekeningen uit de genoemde parameters; PCS/PCI-factor 1,11 uit 3CL-DPE 2021 par. 13.2.1.4
Conventioneel verwarmingsverbruik in de DPE
nog in controle
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
In de DPE-methode (3CL-DPE 2021) is de warmtebehoefte de som over de maanden van de warmteverliescoëfficiënt GV maal (1 min het aandeel interne en zonnewinsten) maal de degrés-heures bij 19 graden van de klimaatzone (acht zones, drie hoogteklassen), gedeeld door 1.000. De degrés-heures bevatten een conventionele dagverlaging naar 16 graden op werkdagen en een week afwezigheid in december. Het verbruik volgt na deling door de rendementen van opwekking, distributie, afgifte en regeling, in kWh PCI. Persoonlijk gebruik telt niet mee: de DPE beoordeelt het gebouw.
Méthode 3CL-DPE 2021 (annexe 1 van de arrêté du 31 mars 2021 relatif aux méthodes et procédures applicables au DPE), ministeriële consolidatie oktober 2021: par. 1 (conventies), par. 2 (BVj), par. 6 (apports gratuits), par. 9 (consommation de chauffage), par. 18.2 (DH19 per zone); arrêté du 25 mars 2024 art. 2 (Sh wordt Sref)
Grondslag voor stap 17 en stap 18.
Conventioneel warmwaterverbruik in de DPE
gecontroleerd
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle 15 apr 2027
De DPE-methode rekent met een conventioneel aantal bewoners naar oppervlakte. Voor een eengezinswoning is Nmax 1 onder 30 m2, 1,75 min 0,01875 maal (70 min de oppervlakte) tussen 30 en 70 m2, en 0,025 maal de oppervlakte vanaf 70 m2; voor een appartement gelden 10 en 50 m2 en 0,035. Het aantal adultes équivalents is Nmax, of boven 1,75 gelijk aan 1,75 plus 0,3 maal (Nmax min 1,75). De behoefte per maand is 1,163 maal dat aantal maal 56 liter maal (40 graden min de koudwatertemperatuur van de maand en zone) maal de bewoonde dagen (358 per jaar: een week afwezig in december). Het verbruik volgt na deling door de rendementen.
Gebruikt:Conventioneel warmwaterverbruik in de DPE
Méthode 3CL-DPE 2021, par. 11.1 Calcul du besoin d'ECS (pagina 70 tot 72), ministeriële consolidatie oktober 2021; arrêté du 25 mars 2024 art. 2 (Sh wordt Sref)
Verlichting en hulpenergie in de DPE
gecontroleerd
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle 15 apr 2027
De DPE telt vijf gebruiken: verwarming, warm water, koeling, verlichting en hulpenergie. Verlichting is forfaitair: 0,9 maal 1,4 watt per m2 maal het aantal verlichtingsuren per maand van de klimaatzone (1.445 tot 1.566 uur per jaar), gedeeld door 1.000, dus ongeveer 1,8 tot 2,0 kWh per m2 per jaar. De hulpenergie van ventilatoren en van de pompen van verwarming en warm water wordt per installatie berekend.
Méthode 3CL-DPE 2021, par. 16.1 (Cecl = som C x Pecl x Nhj / 1000, C = 0,9, Pecl = 1,4 W/m2, tabel Nhj per zone), par. 5 (auxiliaires de ventilation) en par. 15 (auxiliaires de chauffage et d'ECS)
Primaire energie in de DPE
gecontroleerd
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
De primaire energie is de eindenergie per energiedrager, in kWh PCI, maal de omrekenfactor: 1,9 voor elektriciteit van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026 en 1,7 vanaf 1 januari 2027, en 1 voor alle andere energiedragers. Gedeeld door de referentieoppervlakte geeft dat de CEP in kWh per m2 per jaar.
Gebruikt:Primaire-energiefactor elektriciteit
Annexe 3 van de arrêté du 31 mars 2021 (NOR LOGL2033917A) zoals vervangen door de arrêté du 13 août 2025 (NOR ATDL2519132A, JO n° 197 van 26-08-2025, bijlage: "1,9 pour l'électricité ; 1 pour les autres énergies", énergie finale exprimée en kWh PCI; art. 5: in werking 01-01-2026); arrêté du 19 août 2026 (NOR VLOL2617030A, JO n° 198 van 26-08-2026) art. 1: 1,9 wordt 1,7, art. 5: de arrêté van 13-08-2025 wordt ingetrokken, art. 6: in werking 01-01-2027. Beide zelf gelezen in de DILA JORF-dagbestanden.
Grondslag voor stap 19.
Broeikasgasuitstoot in de DPE
gecontroleerd
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
De uitstoot is per energiedrager en per gebruik de eindenergie in kWh maal de emissiefactor in kg CO2-equivalent per kWh: houtblokken, pellets en briketten 0,030, houtsnippers (plaquettes) 0,024, aardgas 0,227, stookolie 0,324, propaan en butaan 0,272, steenkool 0,385, overige fossiele brandstoffen 0,324, en elektriciteit naar gebruik: verwarming 0,079, warm water 0,065, koeling 0,064, verlichting 0,069, hulpenergie 0,064. Gedeeld door de referentieoppervlakte geeft dat de EGES in kg per m2 per jaar.
Gebruikt:CO2-emissiefactoren per energiedrager
Annexe 4 van de arrêté du 31 mars 2021 (LOGL2033917A) verwijst naar annexe 4.1 van de arrêté du 15 septembre 2006; tabel vervangen door art. 1, 9° van de arrêté du 31 mars 2021 (NOR LOGL2107220A, JO 13-04-2021, tekst 30), gelezen in het JO-pdf; tabel bij keuring nagelezen in de ministeriële consolidatie van de arrêté du 15 septembre 2006, annexe 4, 1.1 en 1.2 (rt-re-batiment.developpement-durable.gouv.fr, consolide_arrete_du_15_09_2006_relatif_au_dpe_usage_autre_que_habitation_existant_vente.pdf, versie augustus 2022)
Grondslag voor stap 19.
DPE-klasse (dubbele drempel)
gecontroleerd
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
De CEP (kWh primaire energie per m2) en de EGES (kg CO2 per m2) worden eerst naar beneden afgerond op een geheel getal. Klasse A geldt als CEP onder 70 en EGES onder 6; een woning valt in de slechtste klasse die een van beide waarden aanwijst, met grenzen 70, 110, 180, 250, 330 en 420 kWh en 6, 11, 30, 50, 70 en 100 kg, telkens met de ondergrens inbegrepen (een CEP van precies 250 is E). Voor woningen tot en met 40 m2 gelden sinds 1 juli 2024 hogere grenzen per m2, lineair geïnterpoleerd. Boven 800 m in de zones H1b, H1c en H2d gelden hogere grenzen voor E en F: 390 en 500 kWh en 80 en 110 kg bij meer dan 40 m2, en een eigen tabel voor woningen tot en met 40 m2.
Gebruikt:DPE-klassegrenzen energie en CO2, boven 40 m2 en onder 800 m hoogte (geldig t/m 2026)DPE-klassegrenzen voor woningen tot en met 40 m2 en boven 800 m
Annexe 5 van de arrêté du 31 mars 2021, vervangen door annexe 1 van de arrêté du 25 mars 2024 (NOR TREL2330369A, JO 20-04-2024, tekst 15), par. 1.2 (afronding naar beneden, tabel met CEP < CEP_a en EGES < EGES_a enzovoort), 1.2.1.1, 1.2.1.2, 1.2.2.1 en 1.2.2.2; gelezen in het JO-pdf; versie 2021 (JO 13-04-2021, annexe 5) als JO-afbeelding op AIDA gelezen; bij keuring nagelezen in DILA LEGI (LEGI_20260813-212523): annexe 5, LEGIARTI000054674457 (versie 01-07-2024 tot 01-01-2027), par. 1.2, 1.2.1.1, 1.2.1.2, 1.2.2.1 en 1.2.2.2; de versie vanaf 01-01-2027 (LEGIARTI000054676806) voegt alleen de vermelding A0 toe (arrêté du 11 juin 2026, art. 2 en annexe 1)
Benodigde besparing voor een betere DPE-klasse
gecontroleerd
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
Een woning bereikt een betere klasse pas als zowel de CEP als de EGES (na afronding) onder de grenzen van die klasse komen. De benodigde daling is per indicator het verschil tussen de huidige waarde en de grens van de gewenste klasse, en nul als de waarde al onder die grens ligt; wordt de klasse door de EGES bepaald, dan helpt alleen een lagere uitstoot.
Gebruikt:DPE-klassegrenzen energie en CO2, boven 40 m2 en onder 800 m hoogte (geldig t/m 2026)
Volgt uit annexe 5 par. 1.2 (dubbele drempel) van de arrêté du 31 mars 2021 zoals vervangen door de arrêté du 25 mars 2024
Verhuurverbod naar DPE-klasse
gecontroleerd
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
Wie een woning als hoofdverblijf verhuurt, moet een decente woning leveren, en daarvoor geldt een minimale DPE-klasse. In Europees Frankrijk is een woning met klasse G sinds 1 januari 2025 niet decent, met klasse F vanaf 1 januari 2028 en met klasse E vanaf 1 januari 2034; zo'n woning mag de verhuurder niet als hoofdverblijf verhuren. In Guadeloupe, Martinique, Guyane, La Réunion en Mayotte geldt dat voor G vanaf 1 januari 2028 en voor F vanaf 1 januari 2031. Volgens service-public geldt de regel voor elk huurcontract dat na die datum wordt gesloten, verlengd of stilzwijgend verlengd.
Gebruikt:Verhuurverbod naar DPE-klasse (décence énergétique)
Art. 6 loi n° 89-462 du 6 juillet 1989, eerste en derde tot zesde alinea (LEGIARTI000043977105, versie in werking sinds 01-01-2025, gelezen in DILA LEGI op 26-10-2026; Légifrance gaf 403): 'Le niveau de performance d'un logement décent est compris ... 1° A compter du 1er janvier 2025, entre la classe A et la classe F ; 2° A compter du 1er janvier 2028, entre la classe A et la classe E ; 3° A compter du 1er janvier 2034, entre la classe A et la classe D'; art. L. 173-1-1 CCH (LEGIARTI000043966496) voor de klassen A tot G. Service-public F16096 (vérifié 01-01-2026) voor de toepassing bij verlenging en stilzwijgende verlenging; de overgangsbepaling in de loi n° 2021-1104 en art. L. 173-2 CCH zijn niet gelezen (in geen enkel LEGI-wijzigingsbestand sinds 13-07-2025)
Toegang tot MaPrimeRénov' Rénovation d'ampleur
gecontroleerd
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
MaPrimeRénov' Rénovation d'ampleur (in het decreet: het ensemble de travaux van punt 15 van annexe 1) kan alleen in Europees Frankrijk voor een woning die vóór de werken DPE-klasse E, F of G heeft en die bij de toekenning minstens 15 jaar geleden is opgeleverd. De eigenaar bewoont de woning binnen een jaar na de aanvraag van het saldo als hoofdverblijf en blijft dat minstens drie jaar doen, of verhuurt haar binnen een jaar als hoofdverblijf en minstens zes jaar; een hoofdverblijf is een woning die minstens acht maanden per jaar wordt bewoond. De werken leveren minstens twee klassen winst op en omvatten minstens twee posten aan de schil (muren, vloer, dak of zolder, ramen), elk op minstens 25 procent van de betrokken oppervlakte; een opgeleverd audit énergétique toont dat aan. Begeleiding door een erkende Mon Accompagnateur Rénov' is verplicht, na een contact met een loket van France Rénov'. Voor aanvragen vanaf 1 september 2026 mag in een eengezinswoning na de werken geen installatie voor verwarming of warm water op fossiele brandstof (gas, stookolie, propaan) blijven of bijkomen. De percentages en uitgavenplafonds staan in p.fr.renov.maprimerenov_plafond. Deze voorwaarden staan in het decreet en de arrêtés voor huishoudens met een middeninkomen of hoger inkomen; voor huishoudens met een (zeer) bescheiden inkomen kent de Anah de steun toe onder haar eigen regels, volgens service-public met dezelfde voorwaarden.
Gebruikt:MaPrimeRénov' rénovation d'ampleur, uitgavenplafond en steunpercentages
Décret n° 2020-26 du 14 janvier 2020, versie in werking sinds 01-09-2026: art. 1 I 1°, 2°, 3° a en c, II 1°, 2°, 5° a en c, III (hoofdverblijf volgens art. 2 loi n° 89-462), art. 2 I 1° en 3° bis (opérateur agréé, art. L. 232-3 code de l'énergie), art. 3 I en IV 2° (LEGIARTI000054751685, LEGIARTI000054751826, LEGIARTI000054751928); arrêté du 17 novembre 2020, art. 13-2, 1° a en b, 2° d en 4° (LEGIARTI000054752767, sinds 01-09-2026); arrêté du 14 janvier 2020, art. 3 I, art. 4 I 2°, annexe 2 tabel 2 en annexe 3 (attestation de contact avec un guichet, art. L. 232-2 code de l'énergie) (LEGIARTI000054752202, LEGIARTI000054752197, LEGIARTI000054752213, LEGIARTI000054752193); alle gelezen in DILA LEGI (LEGI_20260831-212841 en LEGI_20260901-212910) op 26-10-2026; Légifrance gaf 403. Service-public F35083 (vérifié 01-09-2026) voor de Anah-regeling bij (zeer) bescheiden inkomens
Besparingskansen per maatregel
nog in controle
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
De besparing van een maatregel is het verschil tussen de jaarkosten nu en de jaarkosten na die ene maatregel, met alle andere invoer gelijk. Omdat maatregelen elkaar beïnvloeden, is de besparing van een pakket kleiner dan de som van de afzonderlijke besparingen; het pakket moet als geheel worden doorgerekend.
Eigen rekenmodel, geen wettelijke rekenregel: de besparing per maatregel is het verschil in jaarkosten. Wij hebben nagegaan dat losse besparingen niet zomaar mogen worden opgeteld.
Standaardwaarden per bouwperiode en woningtype
nog in controle
Laatst gecontroleerd 26 okt 2026 · volgende controle zo snel mogelijk
Als de isolatie van een bouwdeel onbekend is, geldt in de DPE-methode: vóór 1975 niet geïsoleerd (U muur naar materiaal, 2,5 als ook dat onbekend is; U plafond 2,5; U vloer 2), vanaf 1975 geïsoleerd volgens de periode van bouw of isolatie, met tabelwaarden per periode (onder meer 75-77, 78-82, 83-88, 89-00, 01-05, 06-12 en vanaf 2013). Oppervlakken van muren, dak, vloer en ramen moeten worden opgemeten.
Startwaarden per bouwperiode, geen wettelijke tabel voor uw woning. Wij hebben ze vergeleken met de standaardwaarden van de officiële DPE-methode. Lees de officiële bron
Gebruikt:U-waarden per isolatieniveau
Méthode 3CL-DPE 2021, par. 3.2 (Umur, Upb, Uph: waarden voor onbekende isolatie en tabellen per periode), par. 3.3 (Uw), par. 3.2 tekst "Si l'état d'isolation d'une paroi est inconnu"